Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, door middel van druk fotokopieën, geautomatiseerde gegevensbestanden of op welke andere wijze ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.
Elke overeenkomst met bestaande personen, gebeurtenissen, plaatsen en entiteiten berust op louter toeval. Alle personages, plaatsen en entiteiten zijn fictief en verhouden zich op geen enkele manier tot een werkelijkheid van bestaande personen, gebeurtenissen, plaatsen of entiteiten.
September 2012,
Ik zat midden in de bloei van mijn leven. Ik had geen relatie en hield ontzettend van het leven. Ik werkte fulltime, woonde op mezelf en genoot van mijn leven. Werken, drank, drugs en mijn vrienden, dat was alles wat ik nodig had. Ik ging elk weekend de kroeg in en, soms nog vaker. Met een flinke kater naar het werk om vervolgens weer opnieuw te beginnen met zuipen. Ik kan het geen drinken noemen, het was zuipen. Maar, ik was jong en had verder nergens geen omkijken naar. Ik kwam net uit een lange relatie en zat ook niet te wachten op een nieuwe relatie. Ik genoot ervan om vrij te zijn.
Op een dag werd ik wakker naar een late dienst met een dkkke zwangere hond op mijn bed, ergens begin de middag. Met half slapende ogen pakte ik mijn telefoon. Zucht, een nieuwe groepsapp ‘zwemmen’. Met 10tallen gemiste berichten, ontgrendelde ik mijn telefoon. Ik begon te lezen en te reageren op de berichten die op mij sloegen. Ik kende bijna niemand maar, sommige hadden mijn humor. Maar, er was een jongen die er boven uit stak. Een jongen die mijn humor volledig snapte, dezelfde sarcasme had en ook wist te reageren op wat ik zei. Even was het stil over de Whatsapp. Ik ging even rustig wat drinken pakken en een peukie doen. Met me slaapkop, drinken en peuken, liep ik maar het balkon. Ik pak me telefoon erbij en zie dat iemand me heeft bericht. Iemand die ik niet in me telefoon had staan, iemand die ik niet kende. Het was die jongen, die jongen die er boven uit stak. Hij sprak me aan en we raakte aan de praat. Van onzin gesprekken tot gesprekken over zijn zoon. Hoe meer hij vertelde over zijn zoon, hoe meer ik werd afgeschrikt. Ik hield van kinderen maar, hield niet van de verantwoordelijkheid. Ik hou van me vrijheid, weggaan, dom doen, gewoon nergens aan denken. Zoiets kan niet met een kind!?. Toch trok iets in hem, mij aan en besloot hem te willen zien. Op een neutrale plek, waar mensen zijn en hij niet in mijn aura kon komen. Die dag. Die dag heeft mijn leven veranderd..

